Naar inhoud

Mond & gezondheid

Mondpiercings: de risicos voor je gebit

Een mondpiercing geeft risico op afgebroken tanden, terugtrekkend tandvlees en infecties. Lees wat de schade is en hoe je die beperkt.

4 min lezen Tandmere Kennisbank

Tandartspraktijk Tandmere, Mond & gezondheid
Foto: Nicholas Renaud from Ottawa, Canada / CC BY-SA 2.0, Wikimedia Commons
Op deze pagina
  1. Wat een mondpiercing met je tanden en tandvlees doet
  2. Infectie, zwelling en de eerste weken
  3. Slikken, praten en slijtage op de lange duur
  4. Wat je kunt doen als je er een hebt

Een mondpiercing is voor veel mensen een bewuste keuze en wij zijn er niet om je die af te raden of er een oordeel over te hebben. Wat we wél kunnen doen, is eerlijk vertellen wat zo’n piercing met je gebit doet. Een tong-, lip- of wangpiercing zit pal naast je tanden en je tandvlees en juist die nabijheid maakt het verschil. De meeste schade ontstaat niet door de piercing zelf, maar door het dagelijkse contact met je tanden: het tikken, spelen en wrijven dat vaak een onbewuste gewoonte wordt. Hieronder zetten we de risico’s op een rij en vooral: wat je eraan kunt doen als je er een hebt.

Wat een mondpiercing met je tanden en tandvlees doet

De twee meest voorkomende problemen zijn afgebroken of versleten tanden en terugtrekkend tandvlees. Tanden kunnen slijten of breken als ze veel in contact komen met de piercing. Bij een tongpiercing zijn het vaak de kiezen achterin die het te verduren krijgen, daarna de voortanden. De schade loopt uiteen van kleine beschadigingen aan het glazuur tot een stuk tand dat afbreekt. Een tand die eerder is behandeld, bijvoorbeeld met een vulling of een kroon, is daarbij kwetsbaarder dan een gave tand.

Bij een lippiercing of wangpiercing zit het bolletje aan de binnenkant tegen het tandvlees aan. Dat constante contact kan het tandvlees irriteren en doen terugtrekken, vooral aan de voorkant van je tanden. Trekt het tandvlees terug, dan komt de tandwortel bloot te liggen. Die wortel heeft geen glazuur, waardoor je sneller last krijgt van gevoeligheid voor warm, koud en zuur en de plek gevoeliger wordt voor gaatjes.

Mensen met een mondpiercing hebben vaker terugtrekkend tandvlees en afgebroken tandstukjes dan mensen zonder. Het is geen losse waarschuwing, maar een patroon dat tandartsen en mondhygiënisten breed herkennen.

Infectie, zwelling en de eerste weken

Je mond zit vol bacteriën en een verse piercing is een open wondje. Daardoor is de kans op een ontsteking rondom de piercing relatief groot, zeker in de eerste periode na het zetten. Let op tekenen als toenemende pijn, zwelling, roodheid of geel-groene afscheiding; dat wijst meestal op infectie.

Vlak na het zetten van een tongpiercing kan de tong flink opzwellen. Dat hoort er deels bij, maar bij sterke zwelling kan het hinderlijk worden voor je ademhaling en daarom is het iets om serieus te nemen. Ook kan een tongpiercing een bloedvat raken, wat tot nabloeden leidt. Verder kan het bolletje losraken; raak je het kwijt in je mond, dan bestaat het risico dat je het inslikt of zelfs inademt. Bij twijfel daarover neem je contact op met je huisarts.

Slikken, praten en slijtage op de lange duur

In de eerste dagen merken veel mensen dat praten en slikken even anders gaat. Je tong moet wennen aan iets wat er eerst niet zat en dat kan je spraak tijdelijk minder verstaanbaar maken. Meestal trekt dat bij. Wat op de langere termijn speelt, is de gewoonte: het onbewust tegen je tanden tikken of met de piercing spelen. Juist die herhaalde, kleine krachten zorgen voor de meeste slijtage en breukjes. Word je je bewust van dat tikken, dan heb je meteen de belangrijkste knop in handen om schade te beperken.

Wat je kunt doen als je er een hebt

Wil je een piercing houden, dan zijn er praktische dingen die het risico verkleinen:

  • Kies bewust materiaal. Titanium of chirurgisch staal geeft minder kans op irritatie en allergische reacties dan goedkoper metaal.
  • Houd ‘m schoon. Reinig de piercing dagelijks en houd je gewone poetsroutine aan; een aanslag rond het bolletje is een broedplek voor bacteriën. Twijfel je over je poetsritme? Onze poetstimer helpt.
  • Stop met spelen. Het tikken tegen je tanden en het draaien aan de piercing is de grootste boosdoener. Hoe minder contact met je tanden, hoe minder schade.
  • Laat het in de gaten houden. Tijdens een periodieke controle kijken we naar beginnende slijtageplekjes en naar tandvlees dat terugtrekt. Vroeg signaleren scheelt later veel.
  • Twijfel je over een ontsteking? Ga eerst terug naar de piercingstudio. Wordt het niet beter, of voel je je ziek, dan is je huisarts of tandarts aan zet.

Een betrouwbare studio werkt steriel en staat onder toezicht van de GGD. Dat verkleint het infectierisico bij het zetten, maar het haalt de kauw- en wrijfkrachten op je gebit niet weg; die blijven het echte aandachtspunt.

We zijn er niet om je een piercing uit te praten. We boren niet voordat we zeker weten dat het nodig is en kijken liever vroeg mee zodat ingrijpen vaak niet nodig is. Merk je een scherpe rand, een gevoelige plek of tandvlees dat terugtrekt, plan dan een controle. Breekt er een stuk tand af of heb je veel pijn, dan kun je terecht bij spoed.

Tandmere · Almere

Twijfel je over je gebit? Plan gerust een controle.

Kennisbank

Verder lezen.

Alle artikelen →
Terug naar de kennisbank